zondag 7 mei 2017

FSS

Een gemotiveerde ploeg, mooi weer en alle materiaal om elk obstakel uit de weg te ruimen: de kaarten lagen zaterdag goed voor een dagje exploratie in de Grotte de la Fosse Sinsin. De deelnemers waren Myriam, Kris en diens zoon Ewout: alle drie vastbesloten om er stevig in te vliegen. Wegens onze andere werven was het al enige tijd geleden dat we de grot nog bezochten en dat was er aan te zien. Het bospaadje naar de grot staat vol ontkiemende boompjes en de grot zelf is intussen gekoloniseerd door honderden muggen en door een dier dat drollen in de ingangszone achterlaat. Ook de droge winter heeft zijn invloed gehad. Nergens was er nog een spatje modder, een hangende waterdruppel of een vettige slijkplek te bekennen. De volledige grot is nu droog en stoffig en dat verhoogde zaterdag sterk het comfort op de werkplek.

Een doorbraak was er niet te verwachten, maar toch vielen we met goede moed de spleet aan die ons nu al velen maanden bezig houdt. Ditmaal trok de grot de lucht aan, waardoor alle stof van onze verbredingswerken meteen werd weggezogen. Hierdoor konden we vrijwel continu doorwerken. Tien breeksessies werden besteed om de taps toelopende gang uit te werken tot een mijngang met een rechthoekig profiel. Wie na ons komt, kan nu verder werken in aangename en comfortabele omstandigheden. Bij de laatste twee breeksessies vielen we de eigenlijke spleet aan. En met succes. Grote stukken van de wand lieten los en enkele blokken die nog weerstand boden werden met de koevoet en de beitel op andere gedachten gebracht.

Hierdoor konden we opnieuw dieper in de spleet kijken en dat ziet er niet slecht uit. In de bodem van de mijngang is nu een spleet van zes centimeter breed en een meter diep zichtbaar. Anderhalve meter verder komt op de spleet een dwarsbreuk uit en wordt het wat breder. Op die plaats lijkt de bodem van de spleet ook over te gaan in een dalende helling. Het lukte ons om er een steen in te gooien en die rolde enkele meters verder. Wellicht zijn er nog drie werkdagen nodig om een beter zicht te krijgen op deze plek, maar dit kan weer perspectieven bieden. In plaats van een eindeloze werf is de Sinsin plots weer een best interessante werkplaats geworden, zeker als je rekening houdt met de hevige tocht die doorheen de grot waait.

Mens en machine gaven zaterdag het beste van zichzelf. Vermoeidheid voelden we niet en ook de batterijen bleven maar volts en ampères spuwen. Groot was dan ook onze verbazing toen het al 18.40 uur bleek wanneer we na zeven ondergrondse uren uit de grot waren. Dat was veertig minuten later dan met de thuisblijvers afgesproken. Doodongerust hadden die al een lokale speleoloog gevraagd om eens te gaan kijken. Oeps... De volgende keer misschien toch maar een uurwerk meenemen...

Kris